Het Gilde

Binnen het gilde is er een groot aantal rollen die men kan vervullen. Op deze pagina worden die uitgelegd.


De Standaardrijder
 
Voor het gilde uit rijdt de Standaardrijder. Hij/zij stuurt het paard zigzag over de weg, hetgeen betekent: "maak de weg vrij want het gilde komt eraan". Het voeren van een standaard is een eeuwenoud privilege van de gilden. In een ver verleden, toen schuttersgilden nog een militaire rol vervulden in Nederland en Vlaanderen, voerde de standaardrijder de schutters aan in hun strijd tegen de rovers, plunderaars en ander gespuis. De standaardrijder draagt de standaard tijdens de optocht, die hij/zij in de rechterhand in een steun aan de voetbeugel houdt. Op het standaardvaandel staat meestal het wapen van de heer die destijds toestemming heeft verleend om het gilde op te richten.


Vaandrig
Vooraan de gildestoet loopt een gildebroeder met het moedervaandel met daarop afgebeeld de patroonheilige van ons gilde De heilige Sint Bavo. De vaandrig is een van belangrijkste personen in een gildeoverheid. Hij draagt en zwaait het moedervaandel, een heilig en gewijd symbool van de eenheid. De vaandrig draagt het vaandel tijdens de optochten, en neemt er de eed van trouw mee af, 3 maal linksom en 3 maal rechtsomdraaiend. 


Tamboers

Na de vaandrig komen de tamboers die met slaande trom aangeven 'Doar hedde de guld'. De tamboers geven maat en tempo aan tijdens de optochten, vendelen, bazuinblazen, zij roffelen bij elk raak schot. De tamboers moet het koningschieten en de processie gaan 'aanzeggen'. In de processie leiden zij de regelmaat van lopen. Bij officiele gebeurtenissen zijn zij in de buurt van de vaandrig. De trommen roepen op, kondigt aan, zij houden de groep bijeen, verkondigen door ritme en toonhoogte de blijheid en droefenis. Op de klank van de diepe gildetrom kan men gewoon lopen en, zo men wil, marcheren. Ze doen triomfantelijk bij het begeleiden van de koning en bij elk binnentrekken van de kerk.

Gildetrom
Gildetrommen hebben een hoge ketel of knip en zijn bespannen met kalfs -of geitenvel. De spanning wordt geregeld met zigzag-koorden en schuifleertjes of met bouten en vleugelmoeren. Onze trommen zijn van hout, maar de meeste gilden hebben koperen trommen. Onderdelen: houten ringbanden, natuurvellen (kalfsvel), maximaal 4 snaren van kattedarm, koortbespanning van katoen en lederen schuiven.


Bazuinblazers

Na de tamboers komen de bazuinblazers met hun bazuinen aan de mond. Het valt onmiddellijk op wanneer een gilde over bazuinblazers beschikt. Het geluid klinkt vrolijk en trekt de aandacht in een grote omtrek. Met ‘tromgeroffel en bazuingeschal’ kondigt een gildenstoet zich van verre aan. De bazuinblazers maken een optocht feestelijk. 
Bazuinblazen is echter een hele kunst. Het vergt, zeker in de aanloopfase, dagelijkse oefening. De bespeler moet met verandering van lipspanning de vier of vijf verschillende toonhoogten produceren. Hij mist verder elk hulpmiddel van kleppen of ventielen. Wanneer een bazuinblazer één week niet oefent merkt hij dat meteen. Juist die training is voor veel jonge mensen een belemmering om voor deze hobby te kiezen. Je moet de discipline van deze regelmatige oefening op kunnen brengen. Ben je eenmaal over dat beginstadium heen dan krijg je er meer plezier in en ervaar je de meerwaarde voor het gilde. Iedereen vindt het schitterend om de combinatie van vendeliers, tamboers en bazuinblazers te zien en te horen. 



Vendeliers 

Na de bazuinblazers komen: de vendeliers met hun vaandels. Het vendelen is een van de belangrijke traditionele gebruiken van het gilde. De vendeliers voeren bij officiële optredens hun zwaaivendel mee. Onder begeleiding van de tamboers voeren zij met het vendel een kleurig en acrobatisch bewegingsspel uit. Dat wordt met name gedaan bij wijze van groet, als betuiging van eerbied aan de gildekoning, de wereldlijke of geestelijke overheid en bij de begrafenis van een overleden gildebroeder. Natuurlijk wordt er ook deel genomen aan de wedstrijden tijdens de (kring-)gildendagen, het Landjuweel e.d. volgens een voorgeschreven reglement en er worden demonstraties gegeven. Bij het vendelen hebben de bewegingen van de vendeliers een bepaalde betekenis. Deze betekenis stamt niet uit de begintijd van de gilden, doch is pas na de Tweede Wereldoorlog geleidelijk ontwikkeld. Het geheel van de bewegingen wordt het “vendelgebed” genoemd. Voor het uitvoeren van het vendelgebed staat de vendelier kaarsrecht met het zwaaivendel voor zich. De kapitein spreekt drie opdrachten uit: presenteer uw vaandel; neig uw vaandel; zwaai uw vaandel voor God, koningin en vaderland. 

Klik HIER voor een filmpje van onze vendeliers.

Vendelgebed 
Dit wordt bij bijzondere gelegenheden, zoals de opening van gildenfeesten voorgelezen en gevendeld. Het vendelspel vindt een mogelijke oorsprong bij de militaire vaandrig. Met acrobatische behendigheid verzinnebeeldde hij kracht en onvermoeidheid en gaf daardoor zijn legercorps het vertrouwen dat het vaandel niet ten onder zou gaan. Daarom zwaaide hij het vaandel niet alleen in de hand, maar ook over zijn rug, met schouders en kin, om zijn middel, onderdoor en overheen, met een arm, op een been in de holte van een knie, hurkend, krom staand en liggend. Hij gooide het omhoog en ving het weer op. Datzelfde doen nu de gildenvendeliers; hun spel wordt het 'vendelgebed' genoemd. Het balanceren en figureren met een zwaaiend vendel is een grote kunst. De nodige vaardigheid wordt door regelmatig oefenen op peil gehouden.


De Overheid 

Na de vendeliers komt "De overheid", in het spraakgebruik ook bestuur. De overheid regeert met absolute macht en krijgt volledige gehoorzaamheid. De leden heten overlieden. De overheid bestaat uit acht personen, waaronder een ere hoofdman, hoofdman, deken schrijver, deken rentmeester, deken vaandrig, gildekoning, gildeheer en een gildelid. Nieuwe overlieden worden gekozen, vroeger op de patroondag, tegenwoordig tijdens de jaarvergadering.  Aanvankelijk gingen zich bij de gilden alleen de overheden onderscheiden. De schietende gilden legden hun zilverschat om de schouders van de voornaamste in hun midden, de koning. Later gingen ook andere overlieden zilver dragen en bij voorname gilden werd al begin 16e eeuw voorgeschreven dat alle gildebroeders een eigen zilveren onderscheidingsteken of een munt op kovel of mouw moesten dragen bij gelegenheden waarbij 'volornaat' of 'statelijk gaan' verplicht was.

Ere hoofdman

Ons Gilde kent sinds 2002 een ere hoofdman: Marcel de Bont.
Marcel de Bont was vanaf de oprichting van ons gilde in 1987 hoofdman.

De hoofdman
De hoofdman draagt een zilveren schild op de borst, De hoofdlieden sinds 1987 zijn: Marcel de Bont; Jan van Strien; Peter Verschuren. Jan Boons is de huidige hoofdman van ons Gilde.

Deken schrijver
De deken schrijver, ofwel secretaris. Sinds 2008 is Harrie Muskens deken schrijver. Harrie Muskens is ook de drijvende kracht achter het jeugdbeleid, wat loopt sinds 2004.

Deken rentmeester
De deken rentmeester houdt alle financiële zaken van ons gilde in de hand. Sinds 2003 is David van Leijsen deken rentmeester.

Deken vaandrig
De deken vaandrig loopt met het moedervaandel vooruit in de optocht met daarop onze patroonheilige Sint Bavo. Sinds 2000 is Jan van der Pluijm deken vaandrig.

Gildekoning
De koning is de centrale figuur in een gilde; hij draagt de eer en de waardigheid van het gezelschap. Zonder koning is een gilde niets, zonder koning kan het gilde niet naar buiten treden en mag het vaandel niet worden gezwaaid. De koning mag als eerste het gildehuis betreden en er kan pas aan tafel worden gegaan als de koning gezeten is; de koning wordt ook het eerst bediend. 
Sinds 2012 is Peter Boons Gildekoning

Gildekeizer
Sinds 2012 is Wiljan Vervoort gildekeizer na 3 keer op rij gildekoning te zijn geweest.

Gildeheer
Ons gilde kent ook een gildeheer deze geeft de zegen mee naar alle activiteiten waar het gilde aan deelneemt. Gildeheren sinds de oprichting zijn geweest: Petrus Schoenmakers en Luud van Andel. Op dit moment kent ons gilde geen gildeheer.

Overheidslid
Sinds 2014 is Patrick de Bont overheidslid om de belangen van de jeugd te behartigen.


Schutters 

Na de overheid komen: de schutters van ons gilde. De schutters en de jeugd schutters van ons gilde schieten met de handboog op doel.


Jeu de boules

Voor de leden op leeftijd is op initiatief van Jan van der Pluijm een team voor Jeu de boules wedstrijden gevormd. 

Gildezusters 
Ons gilde kent ook nog gildezusters. Gildezusters kunnen net als andere gildeleden aan alle activiteiten meedoen. Vroeger mochten er geen vrouwen bij het gilde, het gilde was er alleen voor mannen. Tegenwoordig zie je steeds meer vrouwelijke leden bij het gilde. 

Onze gildezusters zijn: 
Joke Schoenmakers
Joke Langenwerf
Joyce van der Zalm
Marie-Elze de Bont
Inge de Bont


Ongekostumeerde leden
Ons gilde kent naast reguliere leden, ook ongekostumeerde leden. Door de rechten en plichten die behoren tot volwaardig lidmaatschap en aspirant lidmaatschap, zijn er nu ook ongekostumeerde leden. De rechten en plichten die bij deze lidmaatschapsvorm horen sluiten uitstekend aan bij de mogelijke wens een bijdrage aan het gilde te leveren.